Kruisbek

Naaldbos is gunstig voor de kruisbek. Hij wrikt met zijn gekruiste snavelpunten zaden uit kegels van naaldbomen zoals de lariks. Meestal verblijven ze hoog in de bomen, maar voor een wasbeurt moeten ze toch de bosbodem opzoeken.

kruisbek patrickpalmen

Foto Patrick Palmen

Bont zandoogje

De algemeenste bosvlinder in Nederland is het bont zandoogje. Op plaatsen in een bos met grote zonnige plekjes verdedigen mannetjes een territorium tegen andere mannetjes. De rupsen van het bont zandoogje groeien op een maaltje van allerlei grassoorten, die vaak langs de bospaden te vinden zijn.

bontzandoogje henkheijligers

Foto Henk Heijligers

Levendbarende hagedis

Van de reptielen is de levendbarende hagedis eigenlijk de enige soort die ook buiten natuurgebieden wordt gezien. De laatste jaren heeft de soort, zeker in het intensief in gebruik zijnde buitengebied, het niet makkelijk en wordt daar nog maar sporadisch aangetroffen.

levendbarendehagedis henkheijligers

Foto Henk Heijligers

Home > Gebieden > Wellensteijn

Wellensteijn

Wellensteijn is een 48 ha groot gebied ten zuidoosten van Nederweert-Eind. Het bestaat vooral uit naaldbos, met daarin enkele kleine heideterreintjes.

Bereikbaarheid en recreatiemogelijkheden

Bereikbaar met buslijn 82 [halte Wellenstein]. De paden in het bos zijn voor wandelaars [en aangelijnde honden] vrij toegankelijk. Door het gebied loopt een ruiterroute.

Geschiedenis

Bij de aanleg van het kanaal Wessem-Nederweert rond 1926 is een grote hoeveelheid zand vrijgekomen. Het zand kwam onder andere op het huidige Wellenstein terecht, dat vroeger dus plaatselijk enige meters lager zal hebben gelegen. Vanaf de Tweede Wereldoorlog tot in de jaren '60 is er voornamelijk naaldbos aangeplant. Wellenstein had een productiefunctie. Sinds de aankoop van het gebied in 1972 door Het Limburgs Landschap wordt het geleidelijk omgevormd tot natuurlijker bos.

Beschrijving

In het naaldbos van Wellenstein staan vooral grove dennen en ook fijnspar, douglasspar en Japanse lariks. In de loop der jaren is het bos broedgebied geworden van kleine zangvogels zoals goudhaantjes, zwarte mezen en kuifmezen. Haviken en buizerds gebruiken het bos als uitvalsbasis voor jachtvluchten in het omliggende landschap. In de ondergroei van het bos overheersen vuilboom en braam die leefruimte bieden aan winterkoning en tuinfluiter. Op de grond scharrelen bos- en rosse woelmuizen rond, voedsel voor de in het bos broedende bosuilen. Langs de bosranden zitten veel boompiepers. Enkele heiderestanten zijn nu vooral begroeid met pijpenstrootje. Een deel van zo'n heiderestant dat 's winters onder water staat, is geplagd. Dat vormt nu een grote groeiplaats van klokjesgentianen in de zich herstellende heide waar dopen struikheide overheersen. Pijpenstrootje komt er slechts plaatselijk nog voor. Van deze afwisseling profiteert de heivlinder, die ook in dit door runderen extensief begraasde terrein leeft.

Beheer in de periode 1985-2011

naaldboomopstand regelmatig gedund, waarbij loofbomen werden bevoordeeld Amerikaanse vogelkers teruggedrongen dichtgroeiend heideveldje open gekapt en deels geplagd.

Beheervoornemens vanaf 2011

afronden van groot natuurgebied met Schoorkuilen en Einderbeekgebied | verkennen mogelijkheden heideherstel.

map